Herpesvirus

Herpesvirus

Het herpesvirus bij duiven DHV1 (Duiven-herpes-virus 1) is een van de meest voorkomende maar minst bekende ziekte bij duiven.De ziekteverschijnselen zijn ontstekingen van de voorste luchtwegen.

Lees meer
  • Gratis verzending boven € 69 NL, BE, DE. voorwaarden zie verzendkosten
  • Veilig betalen
  • Achteraf betalen
  • 360 graden
Herpesvirus Het herpesvirus bij duiven DHV1 (Duiven-herpes-virus 1) is een van de meest voorkomende maar minst bekende ziekte bij duiven.
De ziekte werd ook wel 'besmettelijke snot of Smadelse ziekte' genoemd en we zien ook wel symptomen van een herpesinfectie zoals de oogbindvlies ontsteking, waarbij de ziekte naar het symptoom, in dit geval 'vliesjesziekte' genoemd wordt. Ook de naam coryza wordt gebruikt.
Zoals gezegd is de verwekker het zeer kleine herpesvirus. Evenals de meeste virussen kan het herpesvirus zich snel in duivenhokken verspreiden.
 
Ziekteverschijnselen
De ziekteverschijnselen zijn ontstekingen van de voorste luchtwegen, dus van de bek, de mondholte, de luchtpijp en soms van de luchtzakken. Daarnaast is ook de slokdarm (dus de krop bij de duif) ontstoken.
De ontstekingen zien er vaak uit als ‘t geel of difterie.
Het gelige beslag ligt als het ware als een vliesje op het slijmvlies van de bek of de keel.
Vooral jonge duiven worden ziek tot een leeftijd van zo’n tien weken. We zien de problemen echter ook bij oude duiven. De ernst van de problemen varieert sterk.
Die variatie is afhankelijk van de weerstand van de duiven en van de kwaadaardigheid (virulentie) van herpesvirusstam. De eerste verschijnselen zien we 5 tot 7 dagen na de besmetting. Op jonge leeftijd worden veel duiven besmet met het herpesvirus zonder dat er duidelijke symptomen te zien zijn. Ook geringe verschijnselen, zoals de oogbindvlies ontsteking die bij jonge duiven ‘het vliesje of vliesjesziekte' genoemd, worden toegeschreven aan mildere herpesvirusstammen.
Het is gebleken dat circa 60% van het duivenbestand wel eens besmet geweest is met het herpesvirus. Terecht beschouwen we het dan ook als onderdeel van het symptoom ornithose-complex. Bij ernstige infecties kan zo’n 50% van de besmette duiven sterven als gevolg van luchtzak en longaandoeningen.
De duiven hebben ernstige ademnood. Ze leunen als het ware wat achterover op de staart met de kop omhoog terwijl ze een zagend geluid voortbrengen.
Deze verschijnselen zien we overigens ook bij een uit de hand gelopen geelinfectie. De duur van een herpesvirusinfectie is 1 tot 3 weken, terwijl het in een duivenhok soms vele weken lang van duif op duif overgaat en het derhalve een langdurig probleem wordt. We zien dat er de laatste tijd een sterke toename is van het herpesvirus. Kennelijk houdt dit gelijke tred met de opkomst van andere virussen bij duiven. Mogelijk ook ten gevolge van het gebruik van corticosteroiden.
 
Behandeling
Zoals gezegd betreft het ook weer een virusinfectie, waarbij in het algemeen met geneesmiddelen geen resultaat te verwachten valt. Komen er tweede instantie bacteriën en mycoplasma’s aan te pas dan heeft een antibiotica behandeling wel zin.
Omdat er vaak sprake is van menginfecties, worden altijd antibiotica toegediend. Specifieke middelen tegen het herpesvirus zijn ten hoogste het bij mensen gebruikte Acyclovir, dat in een zalf voor de ogen of in tabletten kan worden verstrekt. De resultaten die wij gezien hebben bij duiven zijn matig. Preventief vaccineren kan tot op heden niet.
Het is van belang bij een infectie het hok te desinfecteren bijvoorbeeld met een formaline-droogontsmetter. Daarnaast is het zinvol, iets wat geldt voor alle ziekten, om de duiven door middel van goede voeding en toegevoegde vitaminen te ondersteunen en te voorkomen dat er stress (denk aan overbevolking) ontstaat, waardoor de ziekte zich verder uitbreidt.
 
Aandoeningen met dezelfde symptomen
Bij een herpesvirusinfectie met zijn typische gele beslag in de bek en de keel wordt meestal in eerste instantie gedacht aan ‘t geel (trichomoniasis). Soms is er inderdaad sprake van een menginfectie, wat de zaak gecompliceerder maakt. Blijkt tijdens of na een geelkuur, dat er geen resultaten zijn, dan ligt het voor de hand, dat het herpesvirus de veroorzaker van het leed is.
Als tweede mogelijkheid moeten we bij gele woekeringen in de bek denken aan de pokkendifterie. Hierbij zit het gele weefsel echter veel vaster dan bij een herpesvirusinfectie of bij ‘t geel. Trichomoniasis zien we bij het verwijderen van het gele beslag trouwens vaak bloedingen in tegenstelling tot bij het verwijderen van het gele weefsel bij het herpesvirus.
Tenslotte kunnen er nog andere oorzaken zijn, zoals een bacteriële ontsteking of een schimmelaandoening (candidiasis) in de bek, waardoor geelachtige ontstoken weefsel in de bek te zien is.
Ook is er verwarring mogelijk met uitgedroogd slijmvlies in de bek, dat we zien na een lange warme vlucht. Dit verdwijnt vaak snel na het drinken en is uiteraard ook eenvoudig met een nat wattenstaafje te verwijderen.